Apps › Rekenen tot 20 met Stip › Didactiek
De didactiek van Rekenen tot 20 met Stip
Voor leerkrachten, intern begeleiders en ouders die willen weten waarom de app doet wat hij doet: welke doelen hij volgt, hoe de opbouw werkt, en wat Stip doet als een kind een fout maakt.
1. Doelen: kerndoel en referentieniveau
Rekenen tot 20 met Stip oefent getalbegrip: splitsen, optellen en aftrekken tot 20. In de nieuwe kerndoelen rekenen-wiskunde van SLO hoort dat bij kerndoel 10:
De leerling redeneert en rekent met gehele en decimale getallen.Kerndoel 10, doelzin 10A. Bij de uitwerking staat: “memoriseren van getalrelaties, splitsingen van getallen tot 20 en de tafels van vermenigvuldiging, en deze kennis vlot en wendbaar toepassen”.
Het referentieniveau 1F, het niveau dat elke leerling aan het eind van de basisschool moet halen, noemt de tienstructuur, splitsen en samenstellen op basis van het tientallig stelsel, en uit het hoofd splitsen, optellen en aftrekken. Getallen tot 20 zijn daar het begin van.
| Moment | Wat je kind doet | Groep, ongeveer |
|---|---|---|
| 1. Ballonnen | Splitsen in het splitshuis: tot 5, dan 6 en 7, dan 8, 9 en 10 | begin 3 |
| 2. Kettingen rijgen | Splitsen zonder huis: 7 is 4 en hoeveel? | begin 3 |
| 3. Cadeautjes | Erbij en eraf tot 10, eerst kleine sprongen, dan dubbelen en grotere sprongen | midden 3 |
| 4. Slingers | Aanvullen tot 10: welke getallen samen 10? | midden 3 |
| 5. Twintig bekers | Tien en nog wat: de getallen 11 tot en met 20, aanvullen tot 20 | eind 3 |
| 6. Stoelendans | Erbij en eraf tot 20, zonder over de tien | eind 3 |
| 7. Knikkeren | Over de tien erbij: eerst de tien vol | eind 3 of 4 |
| 8. Opruimen | Over de tien eraf: eerst terug naar 10 | 4 |
De kerndoelen beschrijven wat een kind aan het eind van de basisschool kan, niet in welke groep. De groepen zijn een richtlijn; de nieuwe leerlijnen van SLO verschijnen in 2027. De app is gemaakt voor groep 3 en 4; in groep 5 is hij om te herhalen.
2. Opbouw: kleine stappen, pas verder als het vlot gaat
Stips feest heeft acht momenten. Binnen elk moment gaat het in stappen:
- Eerst kleine getallen. Bij de ballonnen eerst splitsen tot 5, dan 6 en 7, dan pas 8, 9 en 10.
- Eerst het grote getal voorop. 8 + 1 komt eerder dan 1 + 8. Staat het kleine getal voorop, dan zegt Stip dat je de som mag omdraaien.
- Eerst erbij, dan eraf. En eerst met kleine sprongen, dan met grotere.
Een blokje is zes opgaven. Het gaat vlot als hooguit één opgave niet in één keer goed was; een opgave waarbij je kind hulp gebruikte, telt als niet in één keer goed. Na drie vlotte blokjes is het moment af en gaat het volgende open. Een kind dat het al kan, is dus snel verder; een kind dat moeite heeft, oefent langer op hetzelfde niveau.
Een ouder kiest waar een kind begint: bij de ballonnen, de cadeautjes, de bekers of het knikkeren. Wat ervoor komt, blijft open om te herhalen.
3. Over de tien: eerst de tien vol
Bij sommen over de tien laat Stip niet doortellen. Hij maakt eerst de tien vol en telt dan de rest erbij. Bij 8 + 5 schuift hij twee kralen bij de bovenste rij van het rekenrek, en daarna nog drie op de onderste rij: 8 + 2 = 10, en 10 + 3 = 13. Bij aftrekken gaat het andersom: eerst terug naar 10, dan de rest eraf.

Bij de knikkers helpt het splitshuis: 5 is 2 en 3, en die 2 maakt de tien vol.
4. Fouten: elk fout antwoord zegt iets
Bij rekenen tot 20 maken kinderen steeds dezelfde soorten fouten. De app gebruikt die fouten. De foute antwoorden bij een opgave zijn geen willekeurige getallen, maar fouten die kinderen echt maken. Bij elk ervan zegt Stip wat er misging. In de 555 opgaven zitten 1.636 van zulke valkuilen. De meest voorkomende:
- Eén te veel of te weinig geteld
Je telde er één te veel.
- Het deel genoemd dat er al staat
Dat getal staat er al. Je zoekt het andere deel.
- Opgeteld in plaats van gesplitst
Je hebt opgeteld. Hier moet je splitsen.
- Opgeteld in plaats van afgetrokken
Je hebt opgeteld. Hier moet je aftrekken.
- Over de tien de eenheden van elkaar afgehaald
Je haalt de eenheden van elkaar af. Ga eerst terug naar 10.
- Het tiental vergeten
Je bent het tiental vergeten. Het blijft staan.
5. Uitleg en hulp
- Bij een nieuw moment legt Stip het uit met het rekenrek en het splitshuis, in een paar stappen die je ziet bewegen. Die uitleg is er ook later, met de knop Uitleg.
- Bij een fout zegt Stip wat er misging, en het kind probeert het nog een keer.
- Gaat het twee keer net niet, dan laat Stip de uitwerking stap voor stap zien.
- Blijft het twintig seconden stil, dan biedt Stip zelf hulp aan, ook stap voor stap. In groep 5 licht dan de knop Help op.
- Bij goed zegt Stip ook waarom het goed is.
Zo hoort een kind niet alleen of het goed of fout is, maar ook waarom, en wat de volgende stap is.
6. Voor elk kind
- Stip leest elke opgave en elke uitleg voor. Een kind kan dus oefenen voordat het goed leest.
- Een kind tikt een antwoord aan, typt het, of schuift zelf kralen op het rekenrek.
- Een ouder stelt in hoeveel opgaven een blokje heeft, van 3 tot 12.
- Na een vlot blokje gaan korte spelletjes open om vlot te worden, zonder klok en zonder score.
7. Wat de app niet doet
- De app geeft geen cijfers en neemt geen toets af. Voor elk moment krijgt een kind een sticker in het Stipboek.
- Wat een kind doet, blijft op het apparaat. Een leerkracht ziet dus geen overzicht van de klas; daarvoor is er Stipio op school.
- De app vervangt de les niet. Hij is gemaakt om te oefenen wat in de klas aan bod komt, in het tempo van het kind.